Wat betreft de psychosociale gezondheidszorg wordt veel ontleend aan het vakgebied van de ‘gezondheidspsychologie’. Binnen dit vakgebied probeert men te begrijpen welke psychosociale factoren van invloed zijn op gezondheid en ziekte. Belangrijke thema’s zijn het bevorderen en in stand houden van gezondheid; de preventie en behandeling van ziekten;

oorzaken en correlaties tussen gezondheid, ziekte en disfunctioneren; verbetering van de gezondheidszorg en het gezondheidsbeleid. De nadruk wordt (dan ook) gelegd op het voorkomen van ziektes en het veranderen van ongezonde gedragspatronen.

Alhoewel ik regulier ben opgeleid, een langdurige en brede ervaring heb binnen de reguliere gezondheidszorg, past de mensvisie zoals dat door het NVPA onderschreven wordt, inmiddels beter bij mij. Deze visie omvat het volgende:

  • Hanteer een holistisch mensvisie
    Uitgangspunt is dat geest en lichaam een onlosmakelijke eenheid vormen. Zoals we in het dagelijks leven merken wanneer wij bijvoorbeeld blozen, schrikken of boos worden: ons lichaam doet mee en dat merken we aan onze hartslag, ademhaling, warm of koud worden. Andersom reageert onze geest op veranderingen in het lichaam, bijvoorbeeld wanneer we ons ontspannen, mediteren, maar ook wanneer we klachten in het lichaam ontwikkelen. Hierbij hoort de overtuiging dat de mens niet los gezien kan worden van zijn sociale context. Ieder mens kan en wil zich, naar vermogen, verantwoordelijk opstellen in relatie tot zijn omgeving. Mensen komen tot hun recht in het samenleven met elkaar en in de wisselwerking met hun omgeving. Psychische klachten staan vaak niet op zichzelf. Dikwijls hebben ze te maken met de situatie waarin iemand leeft. Relaties, gezin en verdere omgeving vormen een systeem en mensen komen sneller uit de problemen met hulp die aandacht heeft voor deze systemen, de context en levensfasen. Het systeem waarin we leven moet een stelsel zijn voor genezing en groei van al zijn leden.
  • Werk eclecticisch
    Toepassing vanuit de verschillende vakgebieden binnen de psychologie: cognitieve gedragstherapie, humanistische psychologie, psychoanalyse, systeembenadering.
  • Werk vanuit een professionele deskundigheid, kennis van de menselijke levensloop als zinvol gebeuren en ook ervaringsdeskundigheid is een belangrijke uitgangspunten.
  • Werk vanuit de overtuiging, dat in elke cliënt een fundamentele eigen kracht aanwezig is. Daarop vertrouwen, zoeken naar deze kracht, eigen leervermogen, talenten en mogelijkheden. Kernpunten hierbij zijn:
    – de mens beschikt over een zelfhelend vermogen
    – zingeving is een belangrijke drijfveer in het leven
    – de cliënt leert zelf zijn eigen keuzes te maken

Uitgangspunten
Elk aangedragen probleem, elke hulpvraag is een uiting van psychosociale problematiek. Dit betekent dat de cliënt gezien wordt in interactie met de buitenwereld. Psychische, somatische, sociale en materiële problemen manifesteren zich in het individu in relatie met zijn omgeving. Het probleem kan zich relatief zelfstandig voordoen op één van de levensgebieden. Het kan zich echter niet onafhankelijk van de andere levensgebieden handhaven. Ontslag betekent verlies van werk (materiele levensgebied), maar daar blijft het niet bij. Het zal invloed hebben op de stemming van de desbetreffende persoon (psychische levensgebied), op zijn gevoel van lichamelijk welzijn (somatische levensgebied) en op de relatie met zijn partner en kinderen (sociale levensgebied). De erkenning van de aparte en tegelijkertijd afhankelijke positie van problemen, vormt de basis van de psycho-sociale therapie.

 
Eén ding hebben alle therapeuten in de psychosociale sector met elkaar gemeen, ze benaderen de cliënt als een gezond mens met een klacht. De klacht is maar een deel van de cliënt waar deze zich toe verhoudt. Dit leidt tot een andere benadering dan wanneer de klacht als onderdeel van de persoonlijkheid wordt benadert.

Ik doe dat vanuit een oprechte verwondering voor jou als persoon en jouw levensverhaal. Ik denk mét je mee, niet vóór jou.